Transistor , Diodes, Triac en Thyristoren tester.

Deze eenvoudige tester is gemaakt zonder electronica ,en is gemakkelijk na te bouwen , indien u het schema volgt kan het niet mis lopen.

Wat heeft u nodig :

Een doosje om alles in te bouwen 7x5 cm. Twee dubbele omschakelaars, twee bananefiches en een eindje draad, 4 weerstanden , 2 Led's , en drie kleine haakjes om de te testen transistor of ander component in te vatten. De weerstanden zijn 10 ohm, 2200 ohm, 47 ohm en 330 ohm.

We boren de nodige gaten in het doosje , en er word als volgt gemonteerd..

De twee schakelaars op de zijkant, erboven en er tussen beide Led's en de aansluitdraden voor de haakklemmetjes, in het bodemgedeelte van het bakje komt de voedings draad toe.

Alles word verbonden volgens onderstaand schema.

Afwerking;

We kleven er wat etiketjes op om het gebruik gemakkelijk te maken.

Links de switch met aanduidingen PNP en NPN ; Rechts de omschakeling voor het testen van gewone kleine transistoren ( normal) en power ( power ) transistoren. De aansluitingen zijn gemarkeerd, E / Ka voor emitter of kathode, B/Ga voor basis of gate, en C/An voor collector of anode. De led's zijn ook gemarkeerd PNP en NPN.

Gebruik.

TESTEN VAN DIODEN

Het basisschema voor het testen van dioden. Eerst wordt schakelaar in de stand 'NPN' gezet. De te onderzoeken diode wordt aangesloten tussen de C/An en E/Ka aansluitingen. Als de 'NPN' Led brandt, dan is de anode van de diode verbonden met de C/An aansluiting van de tester.

Vervolgens wordt schakelaar NPN/PNP omgeschakeld. Blijft de LED branden, dan is de geteste diode intern kortgesloten. Brandt de LED in geen van beide gevallen, dan is het onderdeel intern onderbroken. Ook LED's kunnen op deze manier getest worden. Men moet dan wel de schakelaar normaal/power in de 'Normaal 'stand zetten, anders is de stroom door de LED veel te groot. Als beide dioden (deze van de tester en de geteste) gaan branden, dan is de anode van de LED weer verbonden met de C/An aansluiting van de tester.

TESTEN VAN TRANSISTOREN

Hier de tekening voor het testen van een NPN-transistor. Schakelaar NPN/PNP wordt, afhankelijk van het type transistor, in de stand 'PNP' of 'NPN' gezet. Test men een powertransistor, dan moet schakelaar normaal/power in de stand 'Power' worden gezet. De C/An aansluiting gaat naar de collector, de E/Ka aansluiting naar de emitter. De LED in de tester mag nu niet branden. Is dat wel het geval, dan heeft de transistor een sluiting tussen emitter en collector. Nadien verbindt met de B/Ga aansluiting van de tester met de basis. De LED moet nu gaan branden. Is dat niet het geval, dan is er een interne onderbreking in het basiscircuit.

TESTEN VAN THYRISTOREN EN TRIAC'S

Deze procedure is hier geschetst . Schakelaar NPN/PNP wordt in de stand 'NPN' gezet, schakelaar normaal/power in de stand "Power". De C/An klem van de tester gaat naar de anode, de E/Ka klem naar de kathode. De LED mag niet branden. Vervolgens tipt men de gate-aansluiting van het onderdeel heel even aan met de draad die van de B/Ga klem van de tester komt. De LED moet nu gaan branden en blijven branden.

 

Triac's worden op een identieke manier getest.

Professionele tester

De professionele tester dewelke ikzelf gebruik is een volledig automatich toestel dat drie aansluithaakjes heeft dewelke in gelijk welke volgorde aan gelijk welke onbekende component kan aangesloten worden. Het toestel bepaald zelf wat soort component het is, geeft de aansluitingen en de caracteristieken, zoals stroom versterking,Vf en If, het verschil tussen een darlington en gewone transistor, en is toepasbaar voor diodes, transistoren, ( ook bipolaire en darlingtons) thyristoren , leds ( ook twee kleuren led's) mosfet's, junction fet's , triac's..